Vrouwenkamp Bangkinang

Door het oog van de naald gekropen en niet ver af van totally liquidatie door de Jappen!

Tekeningen zijn gemaakt door wijlen H Volke-Freeth en die zijn nagelaten aan Gerdy Ungerer, die weer mij het volle recht heeft gegeven ze te publiceren.
Op 17 maart 1942 namen de Jappen bezit van Fort de Kock. In mei 1942  werden we als gevangenen opgenomen in de Missie Complex te Padang, waarna in oktober 1943 iedereen werd overgebracht naar de gevangenis de Boei waar velen de ziekte dysenterie opliepen. Uiteindelijk werden in december 1943 alle gevangenen, vrouwen en kinderen, op transport gezet naar het concentratie kamp in Bangkinang.

De Jappen hadden met een stel geronselde Indonesiërs net buiten het plaatsje Bangkinang een hele rubberplantage kaal gemaakt en 7 barakken opgezet. Het kamp was speciaal voor interneringsdoeleinden gebouwd en bestond uit o.a. uit 4 grote en 1 kleine woonloods. De grote loods was 60×10 meter en de kleine 30×10 meter. Zij waren van hout opgetrokken met atap daken. De ligplaatsen waren in 4 rijen van twee verdiepingen aangebracht, waarvan de bovenste door vertikale ladders te bereiken waren.

Daar moesten we naar toe. We zijn met geblindeerde goederenwagons s ’nachts van Padang naar Pajakombo getransporteerd en
vandaar met open vrachtwagens zonder banken naar Bangkinang vervoerd. De tocht liep via een zig zag weg naar Pajakumbo en nam 8 uren in beslag zonder eten en drinken. Het kamp was helemaal omheind met 5 tot 7 meter hoge planken en daarboven prikkeldraad. Op iedere hoek een wachthuisje met bewaker. De hoofdpoort was groot en de vrachtwagens konden dus naar binnen.
Maar doordat er een riviertje bij het kamp stroomde was de hygiëne een stuk verbeterd.

Midden op de dag kwamen we aan en moesten buiten in de brandende hitte blijven staan, zodat de Jappen de gevangenen konden tellen. Tellen konden ze echter niet en dus deden ze het iedere keer opnieuw. Tot een paar van de dames besloten de Jap te helpen en de telling op hun te nemen.

Gedurende de maanden en jaren van gevangenschap was het eten slecht en zeer schaars en door de hitte werden veel mensen ziek, maar medicijnen werden niet ter beschikking gesteld en door een tekort aan vitaminen liepen velen ook de ziekte Berry Berry of hongeroedeem op.

Echter in een ding zijn de Jappen nooit geslaagd. Ze hebben vele malen geprobeerd om jonge meisjes en vrouwen in de leeftijd van 15 tot 25 mee te nemen, zogenaamd om te werk gesteld te worden als serveersters, maar in werkelijkheid om van deze vrouwen troostmeisjes te maken. Volgens de Japanse Keizer was dat een noodzakelijk recht van de Japanse man. Echter de vrouwen die het kamp leiden zijn er in geslaagd dat te voorkomen, soms met handgemeen.

Eindelijk is het zover. 21 Augustus 1945 kwam het officiële bericht dat de strijd geëindigd is. Ons werd medegedeeld dat de Japanse keizer de oorlog had beëindigd, doordat de Amerikanen verschrikkelijke bommen op Japan had geworpen. De atoombom heeft het leven gered van ontzaglijk veel geïnterneerden en krijgsgevangenen, die aan het einde van hun latijn waren. Ook natuurlijk van duizenden Amerikaanse soldaten, die bij een landing op de Japanse eilanden het leven zouden hebben verloren.
We verwachten het wel, want we kregen plotseling meer bras, meer olie, meer groenten – eindelijk genoeg om te eten. Opeens was er suiker, kip, vis, enz. Medicijnen werden in ruime hoeveelheden aangevoerd en juist die, waaraan steeds zo’n tekort had bestaan. Het was er dus wel, maar die Jappen gaven het ons niet.

Het had zeker 50% van onze doden gescheeld.

Slechts een korte tijd voor onze plotselinge bevrijding maakten de Japanners nog bekend dat de geallieerden onder andere ook begonnen waren met het beschieten en bombarderen van interneringskampen. Er moesten nu dus direct schuil loopgraven bij het kamp gemaakt worden. Zulks gebeurde vanzelfsprekend.
In samenhang met het feit dat ook machinegeweren werden gesignaleerd, wordt onder geïnterneerden wel verondersteld of zelfs als vaststaand aangenomen, dat wij door het oog van de naald zijn gekropen en absoluut niet ver af zijn geweest van totale liquidatie door de Jappen.