Deel 3 – Tjip Boenandir en Edward G. Welcker

Na de Oorlog

Edward Gilles Welcker, Electro-monteur, Hr. Ms. de Ruyter

Op 16 april 1944 kreeg ik 3 dagen verlof om te trouwen, andere faciliteiten werden niet verleend. Mijn vrouw mocht wel bij mij in de garage komen wonen. In 1945, toen ik uit de garage weg moest, verhuisden wij naar een kleine woon-annex slaapkamer in een dessa in de omgeving.

Op 17 augustus 1945 werden alle werklieden van de werkplaats ontslagen. Ik werd aangehouden om de inventarisatie op te maken van alle machines en materieel ten einde het over te geven aan de Sekoetoe-sekoetoe. De inventarisatie was nog niet beëindigd toen de hele inventaris door de Indonesische regering werd ingepalmd.
In 1945 sloot ik mij aan bij de B.K.R. (Badan Keamanan Rakjat = Security Agency). Inderdaad, ik kwam niet terug bij de Marine. Mijn lieve moeder hoorde het nieuws van de ondergang van Hr. Ms. De Ruyter een maand na het gebeuren. Het nieuws over de ondergang na een maand maakte mijn moeder half gek toen zij het vernam. Zij verkeerde onder hoge geestelijke druk en stress. Vandaar dat zij mijn huwelijk op 16 april 1944 doorzette al waren de condities kritisch. Haar bedoeling was dat ik als getrouwde man niet hoefde te varen, immers varen betekende voor haar oorlog. In 1945 heb ik dan ook besloten om bij mijn moeder en schoonouders aan de wal te blijven.

Uit mijn marine tijd ben ik nog in het bezit van alle toen vereiste documenten en boekjes, inclusief namen van de desbetreffende officieren.
In 1998 heb ik een verzoek ingediend aan de PUR/WUV om in aanmerking te komen voor een periodieke uitkering. Dit heb ik ondersteund met bezwaarschriften, correspondentie en namen van diegenen die ik mij nog herinneren kon als getuigen, enz. Na het geding ter zitting van 5 april 2001, waar ik niet aanwezig kon zijn, kreeg ik de beslissing: De Centrale Raad van beroep rechtdoende “Verklaart het beroep ongegrond”. Dus dat betekent afgewezen …….ddo. 18 mei 2001.

Op 13 maart 2002 plaatste ik een advertentie in het maandblad “Aanspraak” in Nederland: “Ik zoek overlevenden van Hr. Ms. De Ruyter die op 27-2-1942 door een Japanse torpedo werd getroffen en even daarna zonk”. Graag reacties aan ex-stoker Olieman Boenandir ….enz. Adres enz.
Hierop kreeg ik veel reacties: Nummer i. Asia Maior, Uitgeverij Asia Maior, Postbus 150, 4300 AD Zierikzee, Nederland. Mevr, W. Leijnse heeft mij de namenlijst gestuurd van de bemanning van Hr. Ms. De Ruyter per 26 februari 1942. In die namenlijst staan zij die omgekomen waren en die gered werden.
Toen kwam de reactie van de heer Johan van Leer, 230 Baystreet #6, Santa Monica, CA 90105-1031.
Ook een reactie van de heer M.G.J. van Zeeland, Fransche Brug 22a, 2371 BE Roelofsarendsveen, Nederland

Bijzonder goed en behulpzaam was de volgende reactie:
Verklaring voor degene die het aangaat: Hierbij verklaar ik dat de heer Boenandir door mij is herkend als een van de overlevenden van Hr. Ms. De Ruyter.
Wij hebben elkaar ontmoet bij de Japanse landing op 1 maart 1942 in Kragan (noord kust Midden Java)
Verder in krijgsgevangenschap tot onze splitsing (Jaarmarkt)
De heer Boenandir heeft zich getoond als een waardige persoon en een betrouwbare Koninklijke Marineman.

Hoogachtend,
Edward G. Welcker, 16614 E Kingside Drive, Covina, Ca 91722

Alle stukken en bundels heb ik naar PUR/WUV verzonden. Ik weet niet hoe het proces van de behandeling van de stukken is verlopen, maar een arts uit Nederland gaf mij een volledig lichamelijk onderzoek en controleerde mijn lichamelijke klachten.

Uiteindelijk begin juni 2003 Gode zij dank en nog maal God zij dank kwam de erkenning en de beslissing gezamenlijk met de uitkering. Hierop heb ik bijna vijf jaar gewacht. Nu ben ik trots en voel me zeer gelukkig en uit het diepst van mijn hart dank ik u nog maal, heren, die mij geholpen hebben.

Ik wens u allen veel geluk en succes.

w.g. Boenandir

Speak Your Mind

*